Beschrijving
In zijn Imaginaire Portretten schetst de Engelse estheet Walter Pater (1839-1894) een aantal al dan niet gefingeerde personages uit Renaissance, 17de en 18de eeuw. Het zijn beschouwende evocaties van bijzondere persoonlijkheden in hun tijdsgewricht, zoals de Hollandse Sebastiaan van Storck, de Franse schilder Watteau en de Duitse hertog Carl van Rosenmold.
Maar wat doen die oude Griekse goden als Apollo en Dionysus daar tussen? Zij zijn gereïncarneerd op aarde teruggekeerd, en wel in het Frankrijk van de Middeleeuwen, met duidelijk waarneembare gevolgen voor de kunst en literatuur van die tijd. De Engelse schrijver George Moore heeft Walter Pater ‘de laatste van alle grote Engelse schrijvers’ genoemd. Voor hem was Imaginaire Portretten ‘het mooiste van alle boeken in proza’. Om onbegrijpelijke redenen is het werk van Pater nooit eerder in het Nederlands vertaald. De huidige vertaling is van de hand van Gerlof Janzen, die ook de inleiding schreef. Als toegift treft de lezer aan het einde van het boek Oscar Wildes recensie van Imaginaire Portretten aan.





